Waarom hoort de uitdrukking ‘de dag die je wist dat zou komen’ uit het Koningslied in het woordenboek?

Dikke Van Dale-hoofdredacteur Ton den Boon legt uit waarom de passage ‘de dag die je wist dat zou komen’ uit het Koningslied van april 2013 in het woordenboek hoort (en grammaticaal juist is).


In april van dit jaar schreef ik in de taalrubriek in Trouw uitvoerig over hoe en waarom de uitdrukking de dag die je wist dat zou komen woordenboekwaardig is geworden en in Van Dale is opgenomen. Een citaat daaruit:

 

Vijf jaar geleden was er onder taaldeskundigen en -deskundologen ophef over een lied dat speciaal gecomponeerd was ter gelegenheid van de inhuldiging van Willem-Alexander als koning der Nederlanden op 30 april 2013.

 

Vooral de zinsnede ‘de dag die je wist dat zou komen (is eindelijk daar)’ riep weerstand op bij sommige taalexperts. Die gingen voor het gemak overigens voorbij aan het feit dat vergelijkbare constructies in oudere literatuur vrij gewoon waren en dan niet bekritiseerd werden (zoals ‘de brief die zij wist dat zou komen’ in De Gids, 1903).

 

Dankzij het gedoe rond het Koningslied kun je de gewraakte constructie ‘die je wist dat zou komen’ nu in allerlei varianten aantreffen. Op de beurs beleefden we volgens een regionale krant onlangs de correctie die je wist dat zou komen, bij de verkiezingen beleefde D66 volgens NRC het verlies dat je wist dat zou komen, terwijl dezelfde krant het eerder had over de goal die we wisten dat zou komen.

 

Dat de uitdrukking de dag die je wist dat zou komen volledig ingeburgerd isbewees de Gooi- en Eemlander vorige week nog. In een column die zaterdag in die krant stond, schreef iemand over haar vaatwasmachine, eentje van het merk dat ‘je niet in de steek laat’. Of toch wel:

 

Dan volgt de dag die je wist dat zou komen: de dag dat het wieltje doormidden knakt.

 

De avond daarvoor, op vrijdag 21 september, besprak ik in het programma Volgspot met presentator Hijlco Span de invloed van het Koningslied op onze taal. In dat programma vertelde ik waarom de dag die je wist dat zou komen in het woordenboek hoort. Inmiddels staat deze uitdrukking onder het lemma dag in de Dikke Van Dale. Omdat er zoveel toespelingen op deze uitdrukking bestaan en omdat in feite nu de gehele constructie …die/dat je wist dat zou komen ingeburgerd is, is de kern van de uitdrukking in feite verschoven van dag naar het werkwoord weten. Vandaar dat de uitdrukking óók onder het lemma weten in het woordenboek hoort, zodat daar tevens enige variaties kunnen worden vermeld.

 

Dikke Van Dale Online

 

Diverse media maakten melding van Volgspot-uitzending, waaronder RTL NieuwsNU.nl en BNNVARA-weblog Joop, die de productiviteit van de Koningsliedconstructie illustreerde door er een artikeltje aan te wijden onder de titel De opname in het woordenboek die je wist dat zou komen. Verslaggever Leon van Wijk van het Algemeen Dagblad vroeg de tekstdichter van het Koningslied, John Ewbank, afgelopen weekend om een reactie op de vermelding van ‘zijn’ zin in Van Dale.

 

Interessant is dat Ewbank zelf de zinsnede de dag die je wist dat zou komen als een anglicisme beschouwt, namelijk als een letterlijke vertaling van de Engelse woordcombinatie the day you knew would come. Dat de uitdrukking de dag die je wist dat zou komen ook in het Nederlands grammaticaal juist is, legde de taalkundige Peter-Arno Coppen ongeveer een jaar geleden haarfijn uit in de taalrubriek in Trouw, waarin hij constructies als de dag die je wist dat zou komen omschreef met de taalkundige term grammaticale extractie.

 

Over de invloed van het Nederlandse lied op de Nederlandse woordenschat heb ik eerder dit jaar een boekje geschreven: En ieder zong zijn eigen lied. Dat boek bevat verhalen over een deel van de liedteksten die ik vorig jaar en dit jaar in het programma Volgspot heb besproken.

 

Ton den Boon, hoofdredacteur Dikke Van Dale

Het Woord van de Dag (#WVDD) wordt mede mogelijk gemaakt door Taalbank.nl. Dit artikel is ook te vinden op de website van Taalbank.nl.

Vorig artikel
Volgend artikel

Gerelateerde artikelen